Tarief checken

Bron: ECB / De Nederlandsche Bank · 564 datapunten

Historische hypotheekrente Nederland — overzicht vanaf 2003

Maandgemiddelden voor Nederlandse nieuw afgesloten hypotheken per looptijdcategorie, gebaseerd op officiële ECB-MIR statistieken vanaf januari 2003 — de start van de doorlopende, uniforme reeks. Gebruik de knoppen om de tijdsperiode te selecteren.

2,00%3,00%4,00%5,00%6,00%jan 2003sep 2007mei 2012feb 2017okt 2021jun 2026
  • 5–10 jaar vast
  • Meer dan 10 jaar vast

Bron: ECB MIR / De Nederlandsche Bank · Laatst bijgewerkt: · Maandelijkse datapunten

Historische context: vier sleutelmomenten

2000–2003

Hoge rentes na dotcom-bubbel

De hypotheekrente bedroeg nog 5 à 6%. De ECB reageerde op de naschokken van de dotcom-crash met verlagingen, maar het neerwaartse pad was geleidelijk.

2008–2015

Financiële crisis en ECB-ingrijpen

Na de piek van oktober 2008 (5,63% voor 5–10 jaar vast) begon de rente structureel te dalen. De ECB lanceerde noodprogramma's en verlaagde de depositorente naar nul en later negatief terrein.

2020–2021

Historisch dieptepunt

De ECB-opkoopprogramma's (PEPP, APP) en de ultralage rente drukten de hypotheekrente in september 2021 tot 1,65% voor 5–10 jaar vast — het laagste niveau ooit gemeten. Nederland kende nog nooit zulke lage hypotheekkosten.

2022–heden

Rentestijging en normalisatie

Inflatie van 10%+ dwong de ECB tot een historisch snelle renteverhogingscyclus. De hypotheekrente verdubbelde in anderhalf jaar. Sindsdien een geleidelijke normalisatie.

Laagste en hoogste hypotheekrente ooit

Binnen de doorlopende, uniform gemeten reeks vanaf 2003 zijn de uitersten scherp te benoemen. De laagste hypotheekrente ooit in deze reeks was 1,65% voor 5–10 jaar vast, gemeten in september 2021 (en 1,72% voor meer dan 10 jaar vast, in juni 2021). Lenen was toen, dankzij het ruime ECB-opkoopbeleid, nog nooit zo goedkoop geweest.

De hoogste hypotheekrente binnen de reeks lag op 5,63% voor 5–10 jaar vast (oktober 2008). De categorie meer dan 10 jaar vast piekte zelfs op 5,82% in november 2023, aan het einde van de renteschok. Toch is dat niet het hoogste ooit: in de jaren tachtig lagen de Nederlandse hypotheekrentes tijdelijk boven de 10%, gedreven door de hoge inflatie van dat decennium. Die periode valt buiten onze uniforme reeks — wij nemen er geen exact cijfer voor op dat niet op dezelfde basis is gemeten — maar de orde van grootte is goed gedocumenteerd in de jaarverslagen van De Nederlandsche Bank.

Deze uitersten maken de renteontwikkeling van de afgelopen twee decennia zo bijzonder: van dubbele cijfers in de jaren tachtig, via een historisch dieptepunt in 2021, naar de snelste stijging in decennia. De volledige 50 jaar aan renteontwikkeling zetten we in een apart langetermijnperspectief.

Jaarcijfers en reële rente (5–10 jaar vast)

Binnen de doorlopende reeks vanaf 2003 bereikte de gemiddelde rente voor 5–10 jaar vast haar hoogste maandstand van 5,63% in oktober 2008 en haar laagste van 1,65% in september 2021. De reële rente is de nominale rente minus de inflatie (HICP) van dat jaar. Ze laat zien wat een hypotheek u na correctie voor geldontwaarding werkelijk kost: in 2021–2022 was die reële rente tijdelijk negatief, omdat de inflatie hoger was dan de hypotheekrente.

Gemiddelde, laagste en hoogste maandstand per jaar — 5–10 jaar vast (ECB/DNB). Reële rente = nominaal − inflatie (HICP).
JaarGemiddeldLaagstHoogstReële rente
20263,59%3,47%3,71%
20253,44%2,98%3,59%0,45%
20243,85%3,70%4,01%0,63%
20233,78%3,46%4,08%-0,43%
20222,40%1,67%3,38%-9,20%
20211,69%1,65%1,79%-1,13%
20201,88%1,84%1,98%0,77%
20192,28%2,00%2,44%-0,39%
20182,41%2,38%2,46%0,81%
20172,41%2,35%2,44%1,12%
20162,58%2,38%2,79%2,47%
20152,91%2,76%3,13%2,70%
20143,35%3,11%3,59%3,03%
20133,79%3,61%4,06%1,22%
20124,29%4,07%4,53%1,46%
20114,56%4,33%4,71%2,08%
20104,52%4,28%4,85%3,59%
20094,96%4,85%5,27%3,98%
20085,36%5,12%5,63%3,15%
20074,97%4,65%5,23%3,38%
20064,34%3,87%4,61%2,69%
20053,79%3,68%3,91%2,30%
20044,29%3,92%4,52%2,91%
20034,47%4,22%4,84%2,23%

Bekijk de hypotheekrente per jaar

Een eigen pagina met de cijfers en context per jaar:

Of bekijk de langere overzichten: afgelopen 10 jaar, de records van de reeks, afgelopen 20 jaar, gemiddelde afgelopen 30 jaar en 50 jaar perspectief.

Veelgestelde vragen

Wat is de laagste hypotheekrente ooit?
Binnen de doorlopende ECB/DNB-reeks (vanaf 2003) was de laagste stand voor 5–10 jaar vast 1,65% in september 2021; voor de lange looptijden (meer dan 10 jaar vast) 1,72% in juni 2021. Dat waren de laagste hypotheekrentes ooit in de moderne meetreeks, een gevolg van het ruime ECB-opkoopbeleid. Bron: ECB MIR / DNB.
Wat is de hoogste hypotheekrente ooit?
Binnen de reeks vanaf 2003 lag de piek voor 5–10 jaar vast op 5,63% in oktober 2008; de categorie meer dan 10 jaar vast bereikte zelfs 5,82% in november 2023. Daarvóór, in de jaren tachtig, lagen de hypotheekrentes in Nederland tijdelijk boven de 10% — dat valt buiten onze uniforme reeks maar is goed gedocumenteerd (bron: DNB).
Wanneer was de hypotheekrente het hoogst?
Binnen de continue ECB-MIR-reeks (vanaf 2003) bereikte de rente voor 5-10 jaar vast haar piek in oktober 2008 met 5,63%. Daarna brak een meerjarige daaltrend door. In de jaren tachtig lagen de rentes zelfs boven de 10%, maar dat valt buiten onze dataperiode.
Wanneer was de hypotheekrente het laagst?
Het historische dieptepunt lag in 2021. De rente voor 5-10 jaar vast daalde toen tot 1,65% (september 2021). Die extreem lage rentes waren het gevolg van het ECB-opkoopbeleid na de financiële crisis.
Hoe groot was de rentestijging van 2022?
De rente voor 5–10 jaar vast steeg van 1,67% in januari 2022 naar 4,08% in december 2023 — een stijging van bijna 2,5 procentpunt in twee jaar. Dat was de snelste rentestijging in decennia.
Zijn de historische rentes gecorrigeerd voor inflatie?
Nee, de grafiek toont nominale rentes. De reële rente (nominaal minus inflatie) geeft een ander beeld. In 2021-2022 was de reële hypotheekrente tijdelijk negatief, doordat inflatie hoger was dan de hypotheekrente.
Waarom begint de grafiek in 2003 en niet eerder?
De ECB MIR-statistieken (Monetary Financial Institutions Interest Rates) zijn pas vanaf januari 2003 op uniforme wijze gepubliceerd voor de Nederlandse markt. Eerdere DNB-reeksen gebruikten een andere methodologie en zijn niet 1-op-1 vergelijkbaar; daarom tonen we hier alleen de doorlopende reeks vanaf 2003.

Let op: Indicatieve tarieven, niet bindend. Werkelijke rente afhankelijk van persoonlijke situatie.